violin trumpet musician
concert singer singing
dancing leaving running
sitting reading standing
cheering getting wearing
coming taking shopping
making watching playing
studying to like to love
to hate dress coat
muzikant/musicus trompet viool
(aan het) zingen zanger concert
(aan het) hardlopen (aan het) vertrekken (aan het) dansen
staan (aan het) lezen zitten
dragen krijgen (aan het) juichen
(aan het) winkelen nemen komen
(aan het) spelen (aan het) kijken (aan het) maken
houden van leuk vinden (aan het) studeren
jas jurk haten
jeans jumper shirt
shoes shorts skirt
socks T-shirt trainers
trousers wood string
stick to blow deep
to hold ground orchestra
cloth relaxing
overhemd trui spijkerbroek
rok korte broek schoenen
gymschoenen T-shirt sokken
snaar hout broek
diep/laag blazen stok
orkest grond vasthouden
ontspannend stof