Frans : Nederlands se dépêcher = zich haasten la raison = de rede réduire = verminderen le texto = de sms convaincre = overtuigen je suis désolé = het spijt me auprès de = bij un incovénient = een nadeel, een ongemak raccrocher = ophangen tellement = zo à partir de = vanaf un effort = een inspanning se souvenir = zich herinneren distinguer = onderscheiden refuser = weigeren dégoûter = doen walgen, tegenstaan le mensonge = de leugen puer = stinken prétendre = beweren une agence = een bureau