Frans : Nederlands la pharmacie = de apotheek insupportable = onverdraaglijk nerveux, nerveuse = zenuwachtig la fièvre = de koorts le degré = de graad plutôt = nogal froid = koud à la fois = tegelijkertijd le comprimé = het tabletje la cuillère = het lepeltje polluer = vervuilen la douleur = de pijn durer = duren longtemps = lang bon rétablissement = beterschap asseyez-vous = gaat u zitten j’appuie (appuyer) = ik druk (drukken) s’inquiéter = zich zorgen maken la guêpe = de wesp propre = schoon