Wozzol

Controleer altijd of een woordenlijst correct is voordat je hem gaat leren.

  • Italiaans Nederlands
  • consigliare = aanraden / adviseren
  • il turista / la turista = de toerist
  • Guardi! = Kijk …
  • il periodo = de periode
  • la Festa di Sant'Anna = het feest van de Heilige Anna
  • interessare a qn = iem interesseren
  • moltissimo = heel veel
  • senz'altro = beslist
  • il ventisei luglio = 26 juli / op 26 juli
  • Che cosa c'è da vedere? = Wat is er te zien?
  • sul mare = op zee
  • la sfilata = het defilé
  • decorato / decorata = versierd
  • il Castello Aragonese = een burcht op Ischia
  • il castello = het kasteel / de burcht
  • il premio = de prijs
  • il dépliant = de folder
  • il collegamento = de (verkeers)verbinding
  • l'aliscafo = de vleugelboot
  • impiegare = erover doen
  • Forse conviene rimanere lì. = Misschien is het beter om daar te blijven.
  • convenire = goed uitkomen / gunstig zijn
  • rimanere = blijven
  • il mezzo di trasporto = het vervoermiddel
  • raggiungere = bereiken
  • il ritorno = de terugreis