sąsiadka kolega z pracy kontakt
mieć kontakt potem później
wtorek dyskoteka córka
czwartek prysznic brać prysznic
być partner partnerka
contact (het), contacten collega (de), collega’s buurvrouw (de), buurvouwen
dan daarna contact hebben
dochter (de), dochters discotheek (de) dinsdag
douchen douche (de), douches donderdag
echtgenote (de), echtgenotes echtgenoet (de), echtgenoten druk