¡Espero que nos veamos pronto! esperar que tanto
echar de menos a el turrón el trimestre
ojalá (que) listo dar miedo (que)
quedarse con hambre ¿Es cierto que …? llenarse (con)
tener de los nervios regalar por
rico saludos

salu2 / saludos

salu2

salu2 / saludos

estar loco por todo lo posible tímido
el mercadillo de Navidad el pan de especias meterse (en)
malo la bufanda nevar
zo erg / zoveel hopen dat Ik hoop dat we elkaar spoedig zullen zien!
het kwartaal / het trimester soort noga missen
bang zijn (dat) / vrezen (dat) slim hopelijk
genoeg hebben (aan) Is het waar dat …? / Klopt het dat …? nog steeds honger hebben
gedurende cadeau doen helemaal gek maken
groetjes

groetjes

groetjes

groetjes

rijk
verlegen al het mogelijke zich erg verheugen op
zich bemoeien (met) / zich bezighouden (met) de kerststol de kerstmarkt
sneeuwen de sjaal ziek
bueno saludar a (de parte de)
de groeten doen (namens) lekker