Spaans : Nederlands único = uniek a medida = naar wens guardar = bewaren el recuerdo = de herinnering imaginar = voorstellen / indenken cotidiano = dagelijks querido = geliefd pasar a la historia = de geschiedenisboeken ingaan literario = literair el techo = het dak el marinero = de zeeman ampliar = vergroten / uitbouwen original = origineel encontrarse en = zich bevinden in contar con = tellen / … groot zijn el ventanal = het grote raam el compositor / la compositora = de componist exiliarse = in ballingschap gaan el carmen = het buitenhuis la planta baja = de begane grond marcharse = weggaan el ayuntamiento = de gemeente rehabilitar = in oude staat terugbrengen convertir en = veranderen in la partitura = de partituur la casa natal = het geboortehuis