Spaans : Nederlands el gimnasio = de gymnastiekzaal el laboratorio = het scheikundelokaal el aula = het klaslokaal el taller de tecnología = de practicumruimte el taller = de werkplaats la cafetería = de kantine el patio = het schoolplein el salón de actos = de aula la secretaría = het secretariaat la sala de profesores = de lerarenkamer