Spaans : Nederlands a tiempo parcial = parttime los demás = de anderen cobrar = salaris ontvangen Empresariales = de bedrijfskunde loco = gek el anciano / la persona mayor = de oudere pertenecer a = horen bij placentero = plezierig por otra parte = aan de andere kant el programador = de programmeur el reponedor = de vakkenvuller tal vez = misschien la tarea doméstica = de huishoudelijke taak el voluntario = de vrijwilliger