Spaans : Nederlands appen = appen app = het appje mensaje = het bericht estimado/a = beste / geachte agradecimiento = dank profesor = de docent saludo = groet saludos = groetjes atentamente = hartelijke lamentablemente = helaas hola = hoi averiado/a = kapot más tarde = later lección = de les querido/a = lieve cansado/a = moe más o menos = ongeveer enviar = sturen enviar un mensaje = texten retraso = de vertraging cordial = vriendelijke algo = wat