Spaans : Nederlands variado/a = afwisselend confiable = betrouwbaar emocionante = boeiend exigencia = de eis Inglaterra = Engeland cargo = de functie requisitos del cargo = de functie-eisen apto/a = geschikt camarera = het kamermeisje oficina = het kantoor guardería infantil = het kinderdagverblijf orientado/a al cliente = klantgericht ropa = de kleding moda = de mode motivación = de motivatie tratar con = omgaan met confeccionar = opmaken lugar = de plaats zapatero = de schoonmaker postular a un empleo = solliciteren vacante = de vacature reforzar = versterken